Posts tonen met het label kamperen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kamperen. Alle posts tonen

maandag 21 september 2026

Nazomeren in Drenthe


Na onze kampeervakantie in juni, die we in de Rijnstrangen bij Aerdt, in de Kempen bij Bergeijk en in de Maasduinen bij Oeffelt hebben doorgebracht, hebben we thuis een paar maanden van uitzonderlijk zomerweer kunnen genieten. Veel zon en warmte, uitmondend in hittegolven en grote droogte, waardoor de waterstanden in de rivieren tot een abnormaal laag peil daalden en er zorgen waren over de grondwaterstand en de gevolgen voor de drinkwatervoorziening. Klimaatverandering, wat doen we eraan?! Al met al was het aanlokkelijk om ook in september nog in Nederland op stap te gaan. De keuze viel op Drenthe en de omgeving van de Drentsche AA. In Schoonloo hebben we met een telefoontje het laatste plekje op camping De Deelderij kunnen bemachtigen. We schrijven maandag 31 augustus. Het is een kleine camping met amper 20 plaatsen, mooi aangelegd met veel bomen en bloemenstruiken, een kruidenpluktuin, aardige eigenaars en alles dik voor elkaar. 

Dit laatste plaatsje was aan de buitenkant en keek uit op de tent die verhuurd wordt - met name aan de lopers van het Pieterpad. Er zijn goede voorzieningen voor de tentkampeerders in de vorm van een grote overkapping met keukenvoorzieningen, picknickbank etc. 


We hebben eerder in Schoonloo gekampeerd: mei 2013 op camping Roeloomskamp. Dat bleken dus de buren van de Deelderij te zijn! Had ik echt niet van tevoren bedacht. Wel dat ik graag naar deze contreien terug wilde: Schoonloo zelf is maar een klein dorpje zonder voorzieningen (wel horeca!), maar het ligt in het hart van Drenthe in een afwisselend landschap van landerijen, bossen en open natuurgebieden. Hier vinden we nog rust en stilte en donkere nachten. Het fantastiche zomerweer van de afgelopen tijd had inmiddels wel plaats gemaakt voor meer regen en wisselvalligheid - Assen en Westerbork zouden op de voorspelde regendagen een mooie afwisseling vormen op de fietstochten. Deze maandag verliep gelukkig niet zo nat als we hadden gevreesd, dat viel alles mee, en vóór de avondregen hebben we de voortent nagenoeg droog kunnen opzetten. Morgen beter, dan gaan we fietsen.

woensdag 8 juli 2026

Bergeijk en camping 't Ven

9 juni. Om precies 11.00 uur vertrokken we uit Aerdt. Bij een droge en zelfs zonnige start van de dag hadden we onze spullen wat kunnen drogen en ontmodderen na het noodweer van de vorige avond. We waren nog niet eens bij de snelweg of er barstte al weer een heftige bui los, maar dat duurde gelukkig niet zo lang. Onze nieuwe bestemming was minicamping 't Ven in het grensgebied van Bergeijk. We vonden een omweggetje langs de kampeerwinkel De Wit in Schijndel (tegenwoordig samen met Obelink) de moeite waard om enkele attributen voor onze voortent te kopen. Met de vervanging van wat oud materiaal en extra sjorbanden hoopten we dat de luifel wat beter bestand zou zijn tegen toekomstige stormen. De weersverwachtingen voor de komende tijd hadden ook nog wel wat voor ons in petto.
Op 't Ven werden we hartelijk ontvangen met koffie en koekjes door Karin en haar dochter. 't Ven is een actief boerenbedrijf met Aquitaine koeien, akkers, de verkoop van vlees en eieren. We kregen een mooie plaats aan de rand van de camping tegenover de achteruitgang. Het hekje door en we stonden op de grensweg met België. Het was even doorwerken om de caravan en de voortent op te zetten voordat de voorspelde regen ons weer zou hinderen. Dat is nipt gelukt. De tent stond strak en wij konden lekker droog aan een drankje beginnen.. 


De camping ligt op ruime afstand van Bergeijk. We wilden er de volgende dag graag naartoe fietsen, omdat we wat boodschappen nodig hadden en de voormiddag van de woensdag zou het droogste deel van de dag worden. 't Ven ligt tussen de fietsknooppunten 18 en 22 in. Van 22 fietsten we via Witrijt (kpt 19) vervolgens een leuke route door de bossen naar het plaatsje Weebosch (kpt 20). 


Weebosch is een klein, aardig dorpje met een grote katholieke kerk uit 1907. De kerk is gewijd aan H. Gerardus van Majella en daar zit nog een aardig verhaal aan vast. Groot en modern was slagerij Jansen, waar we meteen onze eerste inkopen hebben gedaan. Een aanrader! Over een fietspad langs de weg toerden we verder naar Bergeijk, terwijl steeds donkerder luchten zich boven ons samenpakten. 


We kwamen net op tijd in het centrum aan om onder de overkapping van de winkels te duiken, toen de wolken zich ontlaadden in heftige slagregens en dondergerommel. Toen we uit de super kwamen, was het nagenoeg droog en konden we de tocht terug aanvangen. Later in de week was er een miezerig dagje en zijn we 's middags met de auto nog eens naar Bergeijk gegaan. Dit keer werd het droog in het dorp en konden we even rondkijken. Het is een gezellig centrum met een aantal leuke winkels tussen de landelijke ketens, allerlei horeca met uitnodigende terrassen. Aan de rand van de stad is een grote kampeerwinkel van de familie Bax, een mooie zaak dit we ook nog bezocht hebben. Aan dezelfde kant van de stad staat ook de standerdmolen, oorspronkelijk gebouwd in 1758, na blikseminslag in 1897 grotendeels afgebrand en eerst in 1970 gerenoveerd, later opnieuw. Vroeger waren omwonenden verplicht hun koren daar tot meel te laten malen voor de abdij van Postel, die heel machtig was en meerdere molens bezat. Tegenwoordig wordt de windmolen gebruikt voor de opleiding van nieuwe molenaars. Spannend detail: de molen staat op een grafheuvel. De grote kerk op  het plein kent in verschillende vormen een 1000-jarige geschiedenis. In 1650, twee jaar nadat de kerk in handen kwam van de hervormden, stortte de toren in en verwoestte het grootste deel van het schip. 19 jaar later werd de losse, deels houten klokkentoren opgericht. Hier hangt nu de klok Katharina d.d. 1367 uit de oorspronkelijke toren. Dit is nog het enig overgebleven klokkenhuis in Noord-Brabant. Die middag konden wij afsluiten in het zonnetje op een gezellig terras.








dinsdag 7 juli 2026

Fietstocht naar Fort Pannerden, Kasteel Doornenburg, Siertuin 't Hof en tot slot een stormachtige avond

Maandag, mooi-weerdag - fietsdag. We besloten om bij Pannerden het Pannerdens Kanaal over te steken met de veerpont. Aan de overkant lokten Fort Pannerden en Kasteel Doornenburg. Op maandag waren die natuurlijk allebei gesloten, maar dit was onze laatste dag in Aerdt en het was hoe dan ook een leuk uitstapje. Het Pannerdens Kanaal bestaat sinds begin 18e eeuw en is aangelegd, omdat de Neder-Rijn steeds verder verzandde. Dat belemmerde wel de gewenste scheepvaart, maar juist niet de vijandelijke legers in tijden van oorlog. Tegenwoordig is het kanaal nog steeds belangrijk voor de scheepvaart en ook voor de waterhuishouding van Nederland. Het is een van de laatste projecten van Ruimte voor de Rivier. De strekdammen spelen daarin o.a. een rol. 


Fort Pannerden ligt niet ver van de veerpont en is bereikbaar via een fiets-wandelpad dat door het natuurgebied tussen de Waal en het kanaal gaat. Je mag daar door het land struinen en dat hebben we dan ook eerst gedaan. Een ruige rijkdom aan struiken en planten, overal gekwinkeleer van vogels, veel hommels en andere gevleugelden en zelfs vlinders als geaderd witje en icarusblauwtje. Aan de overkant van het kanaal de overslagplaatsen van de zandwinning. Verder gingen we met de fiets naar het fort, dat eind 19e eeuw gebouwd is. Graspiepers lieten zich er graag zien en horen. 



Vandaar liepen we verder over de landpunt, die de scheiding vormt tussen de Waal en het kanaal. Aan het eind komen beide bij elkaar. Wij hebben vooral oog en oor voor de vele vogels. O.a. heel veel grasmussen, maar ook tuinfluiter en tjiftjaf, zwartkoppen en vinken. Konikspaarden op het strandje aan de Waalzijde beneden ons. 









 











Vanaf het fort zijn we met een rondje door Doornenburg naar het gelijknamige kasteel gereden. Leeftijdgenoten kennen vast nog de tv-serie Floris met Rutger Hauer in de hoofdrol. Dit was zijn kasteel. Een lokale dame die we ontmoetten, herinnerde zich nog goed de drukte rond de opnamen destijds. Evenals de vrijwillige tuinman, die bij de kruidentuin aan het werk was. 

Het is het enige kasteel in Nederland met een oorspronkelijke voorburcht, waarbinnen zich nog altijd een boerderij bevindt. Ook een groot terras van het restaurant, dat nu gesloten was. Maar we konden wel vrij rondlopen. In WOII wilden de Duitse regimenten het kasteel niet verlaten ondanks de waarschuwingen van de geallieerden, waarop het kasteel nagenoeg geheel platgebombardeerd is. Het schild boven de poort van de hoofdburcht vermeldt: Renovatum A.D. MCMLXIV. 















Terug naar de veerpont passeerden we het punt waar de Linge vanuit het Pannerdens Kanaal begint. Het gemaal op dit punt is ook weer belangrijk voor de waterregulering m.n. voor de Betuwe. Terug naar Aerdt, maar niet meteen naar de camping. We stopten onderweg bij Tuin 't Hof, een tip van campingbaas Henri. Het is de tuin van Corry en Henk, die belangstellenden graag ontvangen in hun tuin (€4,00), liefst met een praatje bij koffie met een koekje. De tuin is ondanks de mengeling van stijlen, die het een beetje druk maakt, zeker de moeite waard. Ik vond het heel leuk, Rob vond een prettig prieeltje voor een rustmoment. 





De knaller van de dag kwam begin van de avond. Gegeten en afwas gedaan. We zaten nog lekker onder de luifel, de wolken waren we al gewend, de bomen stonden stil. Van het ene op het andere moment barstte echter de bui los met een windkracht die ons volkomen verraste. Er ging van alles mis met de luifel, die liefst de lucht in wou. De tentharingen werden uit de grond getrokken, zelfs de stormbanden sloegen los. Met kunst en vliegwerk, tot op ons huid nat en koud, hebben we samen alles onder controle gekregen en overal extra vast gesjord. Na een kwartier werd de wind ook minder. De tent heeft het gehouden en we konden redelijk rustig gaan slapen. De volgende dag zouden we wel verder zien en bovendien zouden we toch vertrekken naar onze volgende camping in Brabant. 

zaterdag 4 juli 2026

Zomeren in de Rijnstrangen

We hadden bedacht om in juni voor ongeveer drie weken in Nederland te gaan kamperen. 
Woensdag 3 juni gingen we voor de eerste week op weg naar Aerdt in Gelderland. Het dorpje behoort tot de gemeente Zevenaar en ligt op het Gelders Eiland bij het Rijnstrangengebied. 5 jaar geleden hebben we kennisgemaakt met dit gebied en dat was ons zo goed bevallen dat we graag nog eens terug wilden. 
Het mooie weer van de voorbije week was helaas voorbij en dat merkten we al onderweg. Fikse buien met windstoten en onweer stonden op het programma voor deze dagen. Dit keer verbleven we op Camping Het Gelders Eiland. Deze ligt aan de rand van Aerdt aan een doodlopend weggetje tussen de korenvelden en naast de sportvelden. De ruime kampeerplaatsen liggen rondom een fraaie vijver en in de boomgaard. Gastheer Henri vertelt graag over zijn vissen en de verschillende fruitbomen, waarvan de gasten het hele seizoen kunnen meegenieten. Wij konden ons droog installeren en hebben een latere bui getrotseerd met een broodje onder de luifel. In de namiddag brak de zon aarzelend door en zijn we naar de dijk gefietst en het pad bij de Haemmaker om even naar het trekpontje te wandelen. Later in de week hebben we bij stabieler weer een langere wandeling door de prachtige Rijnstrangen gemaakt. Niets is ooit hetzelfde, maar er is niet zoveel veranderd dat ik beide wandelingen van 2021 opnieuw ga beschrijven. Dit keer hebben we geen roerdomp gezien, noch gehoord, maar wel veel Cetti zangers. Het was gewoon heerlijk terugkomen.




Het weerbeeld van deze dagen zou ons trakteren op vele dreigende, maar ook prachtige wolkenluchten waarbij we het regelmatig beslist niet droog hielden en ook de wind een flinke duit in het zakje zou doen. Donderdagochtend was tussen wat zonnestralen door vooral winderig en plensnat, soms verrijkt met licht en donder. Tussen de buien door heb ik met de camera op en rond de camping gezworven. Talloze vogelsoorten lieten zich hier horen: merel, fitis, tjiftjaf, groenling, vink, koolmees en pimpelmees, zwartkop, boerenzwaluw en huiszwaluw, grasmus, huismus, specht en wat al niet meer. Henri heeft me een uilenkast aangewezen - op afstand bij het volgende erf. Hij heeft er eerder wel een uil gespot, maar ik ben daar niet in geslaagd. Wachtend kreeg ik wel een vrolijk fluitende fitis in het oog. 






Onze laatste dag, maandag, werden we toch nog verrast door een wind-hoos-bui, waarbij de wind onder de luifel sloeg en zelfs de stormbanden losgerukt werden. Ik heb enige tijd aan de luifel moeten hangen, terwijl Rob in allerijl noodmaatregelen trof. We werden doornat en koud maar hebben alles gelukkig wel onder controle gekregen. Elders in het land zijn mensen zwaarder getroffen door noodweer met heftige regens, grove hagel, windhozen en onweer. 
En tussen al deze buien door konden we deze week - met hulp van buienradar en een beetje plannen - nog veel op pad en heerlijk genieten. Ga met ons mee in de volgende blogs en we zullen zien of Zomeren de juiste titel voor deze serie is.