Posts tonen met het label vlinders. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vlinders. Alle posts tonen

dinsdag 29 september 2026

Wandelen rond Anderen (Drentsche AA)

7 september. Gisteren zijn we over Anderen en het Andersche Diep gefietst. Bij onze fietstocht  meldde ik al dat het zo'n mooi dorp is. En in 2013 waren we hier ook al onder de indruk van het dorp en de omgeving. Vandaag kwamen we hier terug met de auto om een wandeling te maken. Ten noordoosten van het dorp, aan de Anlooërweg is een parkeerplaats en daar begon onze wandeling rond de Noord-Esch bij kpt. 56. 
Anderen is goed herkenbaar als esdorp met meerdere brinken en oude essen. Op de essen hadden de boeren hun akkers. In de beekdalen lagen de hooi- en weidelanden, ook wel "groenlanden" genoemd. De essen en groenlanden vormden samen met de vroegere heide en het bos de basis voor de esdorpen. 


Het was fantastisch weer, 28°, en we kwamen nauwelijks andere mensen tegen. Wel vlinders zoals Bont Zandoogjes, verschillende witjes en Landkaartjes. Wat een prachtig gebied! Het Scheebroekerloopje is een meanderend stroompje dat voor de nodige nattigheid ten noorden van Anderen zorgt. Het ontspringt ergens in het Scheebroek, dat een soort komvormig dal is in het Eexterveld. Gelegen aan de rand van onze wandelroute hebben we even een zijsprongetje gemaakt naar het Eexterveld aan de andere kant van de weg. 






Halverwege de vorige eeuw werd het Eexterveld ontgonnen tot landbouwgebied. De woeste grond werd verkaveld, afgevlakt en ontwaterd. Tot 1989 werd er geboerd, daarna werd het teruggegeven aan de natuur. Hoewel het Eexterveld relatief hoog ligt, is het toch in alle seizoenen nat als gevolg van een keileemlaag in de bodem, waardoor het regenwater direct naar het Scheebroekenloopje stroomt. Ook nu was het meer, hoewel het er ondiep uitzag, breed gevuld met water. Een paar honderd grauwe ganzen lieten zich er zien en horen. Een witte reiger was stil op jacht aan de overkant. Het dal van het beekje wordt aan alle kanten begrensd door houtwallen, belangrijk voor de biodiversiteit. Een wandeling door het Eexterveld zetten we op onze to-do-lijst voor een volgende keer. Nu keerden we op onze oorspronkelijke route terug. 



Terug in het bos was goed te zien dat het einde van de zomer naderde. Bessen van meidoorn, sleedoorn, vlierbessen en lijsterbessen begonnen te kleuren; bramen nog rood aan de schaduwzijden, de uitgebloeide schermen van wilde peen en de pluizen van wilgenroosjes; vlinders en insecten op de laatste distels en bloemen. Dit zie je als je wandelt. Op de fiets zie je meer dan in de auto, maar te voet zie je nog meer. Je kijkt achter de coulissen van de natuur en hebt meer oog en tijd voor details. Zo ontdekte Rob de twee reeën, verstopt in de bosjes naast het pad, uiterst waakzaam. Zo mooi!






Een gloednieuw vlonderpad door het moeras, schapenweiden, paddenstoelen (foto: Russula) als herfstboden en dan weer terug in Anderen. 







Bij een van de laatste boerderijen van het dorp waren rietdekkers bezig om een van de boerderijen van een nieuwe kap te voorzien. Zwaar en stoffig werk. Een van de inwoners van Anderen had ons gisteren verteld dat zijn kap  (een huis dat al enkele generaties in de familie was) vorig jaar was vervangen - na zo'n 30 jaar! Bij zulke renovaties worden tegenwoordig eerst platen aangebracht op het dakhout, waarover het riet vervolgens wordt gelegd. Dit is zowel brandwerend (kost ook minder aan verzekering) als isolerend. 


Einde van een mooie zomerse wandeling, ca. 7 km. 

vrijdag 24 juli 2026

Wandelen bij Herberg in het Wilde Zwijn - Bergeijk

De laatste twee dagen van ons verblijf in Bergeijk hebben we wat meer gewandeld. Op een wandeling zie weer zoveel meer (details in ieder geval) dan op een fietstocht. Vanaf Herberg in het Wilde Zwijn hebben we een rondje gelopen : aan de overzijde van de weg een stukje over het fietspad terug en dan linksaf de wandelroute volgend door een afwisselend boslandschap. We kwamen meteen al een leuk beekje tegen omzoomd met frisgroene varens en veel jonge scheuten van bramenstruiken. Even later liepen we op het gekwaak van kikkers af en vonden we een groot ven en moeras met rietvelden. Bloeiende grassen, ratelaar, klaver etc. trokken veel insecten en zelfs vlinders aan. Maar liefst 3 dikkopjes, een atalanta en bont zandoogje zagen we. Dat was tot nu toe ongekend. Het water van de Witrijtse Loop was roestbruin en wordt geregeld met kleine sluisjes. 





Leuke paden door gemengd bos en over een stuk open heide, waar vrolijke pollen blauwe zandoogjes (jasione) druk bezocht werden door insecten en kleine spinnetjes. Overal vogelzang. Dikke groene mostapijten en verschillende soorten paddenstoelen waren het resultaat van de vele regen. 










Bijna terug bij de herberg passeerden we (langs de autoweg) De Vrolijkcke Bosmuis, tegenwoordig een B&B, die de legende of folkloreverhalen rond de barones, die als de dood was voor muizen en al haar geld kwijtraakte aan de bestrijding ervan, succesvol levend houdt. Een wachthuisje uit WOI herinnert aan de gruwelijke realiteit van de oorlog : de Duitsers hadden een driedubbele afrastering zwaar onder stroom gezet tegen Belgen en smokkelaars, die de grens naar Nederland wilden passeren. Met listen en trucs is dat menigeen nog wel gelukt, maar meer dan 800 mensen zijn "doodgebliksemd".  Het Dodendraad werd deze grensafscheiding genoemd. Zo kwamen wij terug bij de herberg, waar we onze fietsen hadden achtergelaten. Je kunt hier prachtig wandelen en zo lang en zo kort als je wilt. Wij hebben een bescheiden rondje gelopen, maar wel heel fijn. 


maandag 7 juli 2025

Twee heerlijke dagen in de duinen van Panneland


Dinsdag 17 juni en afgelopen vrijdag 4 juli heb ik mijn camera met telelens weer eens meegenomen naar Panneland. Beide dagen was het heerlijk zomerweer met een koel windje en zo rustig dat we bijna niemand tegenkwamen. Die eerste dag hebben we lang rondgelopen in het exclosuregebied. Sinds het gebied is afgesloten voor de damherten groeien en bloeien talrijke grassen en bloemen hier en die trekken vele insecten en vlinders aan. Voor wandelaars is het gebied nog steeds vrij toegankelijk, zodat we dit ook van dichtbij kunnen beleven. 


Kleurige ossentong, slangenkruid en rode papavers trokken onmiddellijk de aandacht tussen de wuivende grassen. Talloze bruin zandoogjes en groot dikkopjes deden overal hun voordeel met het blauwe bloemenaanbod. Op een bepaalde plaats dartelden ook enkele kleine parelmoervlinders. Het rupsje van een grote zwartwitmot deed zich op een andere manier tegoed aan de planten evenals de grote harige rups van de grote beer. 







Vorig jaar hebben we een grote nestplaats van harkwespen gevonden in een stukje open zand tussen de grassen. Ook deze graafwespen profiteren van de buitensluiting van de herten. Op deze plaats heb ik nu geen activiteiten op de grond gezien, maar tussen alle hommels en andere vliegers hebben we wel enkele harkwespen aangetroffen. Al vliegend zou ik ze niet herkennen, dan is het fijn als ze af en toe even gaan zitten. De naam sabelsprinkhanendoder is bijna groter dan het insect zelf. Het is ook een graafwesp, maar behoort tot een andere familie dan de harkwesp. Dank aan Waarneming en Wikipedia.




Iets buiten de exclosure troffen we twee herten aan. Mooi met die bastgeweien. We hebben best veel rondgestruind, maar zijn verder geen herten meer tegengekomen. Een ongewone ervaring. De vrouwtjes zullen zich verstoppen met hun kalfjes. We hebben er dan ook niet naar gezocht. 




Op beide dagen gaf de zuringspanner acte de présence. Klein maar fijn. Vrijdag - het is inmiddels juli -bleek een braamstruik in het zonnetje naast de exclosure dé trekpleister voor o.a. de keizersmantel, een paar maten groter!



Waar we ook liepen vlogen de libellen ons om de oren. Vele vuurlibellen trokken met hun felrode kleur gemakkelijk de aandacht, maar de bescheidener viervlek mag er toch ook wezen. Een grote groep vrijwilligers was aan de rand van het Eiland van Rolvers druk met een libellentelling en ook op zoek naar boomkikkertjes. Het Eiland is al enige tijd afgesloten voor bezoekers en aangezien ik altijd graag door het gebied naar het verderop gelegen kanaal struin, vind ik dat jammer. Maar dit voorste deel was de afgelopen jaren zo druk bezocht door fotografen die op de kikkertjes afkwamen, dat het goed is dat flora en fauna worden beschermd. 


Op ons pad werden we echter zomaar verrast door een vosje dat doodgemoedereerd voor ons uit liep. Nieuwsgierig naar alle geuren die hem van alle kanten kwamen aanwaaien. Een jong mannetje, vertelde een kenner die voor ons liep. Wij zijn nooit op zoek naar de vossen, maar het was natuurlijk wel leuk om zo verrast te worden, temeer daar we de kleinkinderen bij ons hadden. Een challenge: fluisteren en langzaam naderbij sluipen. De vos trok zich niets van ons aan. Te tam in feite, maar een mooie beleving!




De kikker was de klos!


Opnieuw vele bruin zandoogjes en hier en daar een vuurvlindertje. Een paar verre, krakende roodborsttapuiten en welluidender gezang in de lucht. Het Zwarteveld was evenals veel andere delen in dit duingebied buiten de paden niet toegankelijk vanwege de Kraamkamer van Moeder Natuur. Dus zo volgden wij keurig de paden terug naar de Boshut. Het waren weer heerlijke dagen in de duinen.