Posts tonen met het label Waverhoek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Waverhoek. Alle posts tonen

zondag 19 april 2020

Voorjaar in de Ronde Hoep en Wavershoek

In deze corona-lockdown-tijden wagen we ons zo nu en dan aan een zo verantwoord mogelijk uitstapje. Zo hebben we bijvoorbeeld twee keer eind maart en op 8 april vanuit huis de Ronde Hoep gefietst. Wat boffen we toch met dit jaargetijde: de route biedt geen variatie, maar de natuur wel en dat maakt van ieder tochtje weer een kleine belevenis.  Maart was een zonnige en droge maand, maar het was nog fris en we moesten flink trappen tegen een veelal stevige wind in. Hier en daar manifesteerde zich een dun groen waasje in de bomen, stinsenplanten begonnen te bloeien, narcissen en dotters kleurden vrolijk geel en de lammetjes liepen al in de wei. De eerste keer hebben we alleen gefietst en niets bijzonders gezien, de tweede keer was het al warmer en hebben we een rondje Waverhoek gelopen.


Het land en de oevers hielden nog hun wintertint, zangvogels hoorden we nauwelijks en slechts een enkele vroege vlinder trotseerde de nog steeds stevige wind en warmde zich in de zon. Bij boerderij Bon zagen we een lammetje dat voorzichtig kennismaakte met een dode reiger in het gras.

Behalve de altijd aanwezige grauwe ganzen en in geringe mate verschillende soorten eenden waren er niet veel vogels. Een zevental kluten was druk aan het foerageren, er waren wat kieviten en we hoorden een enkele grutto. Bergeenden met hun mooie kleed en rode snavels zien we hier ook altijd wel. We lieten ons echter verrassen door een stel krooneenden, eveneens met opvallend rode snavels (de mannetjes), maar minder wit van kleur en kleiner, gewoon op eend-formaat. Een rietgors liet zich ver in het riet zien en horen, maar verder was het stil.



Het wordt weer vlindertijd, maar dat lijkt een trage start in windkracht 5. Een kleine vos ging zich echter in de luwte van de bosjes op het pad opwarmen. Hommels lieten zich niet door de wind weerhouden om de bloeiende wilgenkatjes te bezoeken. Toen we al terug naar de Waver trapten, ontdekten we een boomvalk; zelfs die had moeite om zijn balans te vinden in de wind.



8 april was de derde dag in deze jonge maand dat de warmterecords gebroken zouden worden met temperaturen van ruim boven de 20°. En wat een verschil met de voorgaande keren: in de rietkragen langs de Waver begroetten ons al de rietzangers luidkeels en ik meende zelfs een karekiet te horen. Op het dijkje bij boer Bon hebben we een tijdje gezeten om op ons gemak en lekker in het zonnetje van de drukte in de rietkragen te genieten. Op en neer - letterlijk - vlogen de rietzangers. Eerst klonk gekras uit de onderste rietlagen totdat een vogel omhoog kroop langs een stengel en luid zingend opvloog om iets verderop als een parachuutje weer in het riet te dalen en weg te duiken. Dit herhaalde zich eindeloos.



De wilgenboompjes stonden nu al echt in het groen en ook daar zagen we rietzangers, rietgorzen, maar ook een roodborsttapuit.




Grauwe ganzen, veel bergeenden, wintertalingen, weer een zevental kluten, een paar tureluurs en kieviten, en dit keer tientallen grutto's bevolkten de plas en de eilandjes. In de rietkragen begonnen jonge groene scheuten zich te manifesteren.



Toen we over het westelijke pad liepen, vlogen er twee lepelaars over en even later ontwaarden we een bruine kiekendief hoog in de lucht. Op het dijkje bij de Scheidingstocht bloeiden madeliefjes en dovenetel uitbundig. Koolzaad kleurde het land lentegeel. Vlinders als kleine vos, dagpauwoog en koolwitje lieten zich aan deze kant van het terrein regelmatig zien.
We hebben een heerlijke fiets- en wandeltocht gehad - door de week was het in die tijd nog heel rustig - en toen we terug in de Middelpolder de eerste ganzen met hun pulletjes zagen was ons lentegeluksgevoel compleet.







donderdag 16 oktober 2014

3 oktober: Prettige prikkels in Polder Groot Mijdrecht


Het lied herhaalt zich, maar het zomert nog steeds en iedere dag dat het nog zulk mooi weer is, denk ik dat dit de laatste wel eens kan zijn en dus geniet ik ervan als ik de gelegenheid heb.
Toen ik om een uur of tien naar de Waver reed, lag de mist nog over de Amstel en de omringende polders, maar eenmaal in het natuurgebied bij de Botsholse Dwarsweg spiegelde de blauwe hemel zich al stralend in de plassen. De zon was al warm en deed z'n werk goed. Het was bladstil, de waterspiegel onberoerd door de wind.


Aan de populatie op de plassen kun je wel zien dat een nieuw seizoen is aangebroken. Waren er begin augustus voornamelijk alleen nog ganzen en kieviten - die waren er nog steeds in grote getale - inmiddels hadden vele andere soorten zich bij hen aangesloten: talloze smienten, slobeenden en wintertalingen. Ook meende ik enkele kolganzen te bespeuren. 


Af en toe vloog er een zwerm vogels op, waarschijnlijk opgeschrikt door een roofvogel of ander vermeend gevaar. Buizerds zijn veel gezien, maar ook valken en sperwers zie ik hier dikwijls. Dit keer was het een sperwer die de rust verstoorde.



De watervogels verblijven bij voorkeur in het midden en het achterste gedeelte van de plas en dat maakt het helaas wel moeilijk om mooie foto's van de dieren te maken. Vandaag heb ik wel mijn statief meegenomen, dat helpt wel weer mee.


De slobeenden kun je gemakkelijk herkennen aan de enorme slobbersnavels. De mannetjes hebben bovendien gedurende een groot deel van het jaar een prachtig en opvallend verenkleed. Maar nu, tijdens de rui, waarbij ze ook de slagpennen verliezen en een tijdje (ongeveer een maand) niet kunnen vliegen, zijn ze veiliger in het eclipskleed.  Ook de mannelijke smienten hadden hun mooie kleuren nog niet (geheel) terug en dan onderscheiden ook zij zich niet zoveel van hun dames.


Van de steltlopers heb ik in de verte een paar tureluurs ontdekt, een enkele groenpootruiter en eén kluut, die juist bij mijn komst het luchtruim koos. Op verschillende eilandjes onderscheidde ik echter ook een ander profiel: watersnippen! 



Her en der verspreid in groepjes, zeker een stuk of 18, allemaal gespot op de kop van de eilandjes. Dus het is heel goed mogelijk dat er nog veel meer tussen de hogere beplanting hun heil hebben gezocht. Ik vond het in ieder geval heel leuk dat ik de vogels heb ontdekt.





Doordat de watersnippen zich graag op de grond gedrukt houden en over een uitstekende camouflage beschikken, vallen ze niet snel op. Vooral dankzij enkele rondscharrelende exemplaren kwamen ze letterlijk in the picture. Te ver voor fraaie foto's, maar wel leuk ter illustratie.



Watersnippen hebben echt een opvallend lange snavel. Daarmee sporen ze allerlei kleine diertjes op in de bodem  Die moet daarvoor wel vochtig en zacht zijn, anders kunnen ze er niet bij. Wat wil je dan nog meer, hier in de Botsholpolder?!



Ik houd van dit gebied onder de rook van Amsterdam. De hoogbouw van Amstelveen is niet ver en vrijwel altijd zichtbaar. Maar toch, hier ademt het land nog stilte en weidsheid.
Met de jaargetijden wisselen de kleuren en altijd spiegelen zich de luchten in het water en soms...in het ijs. Daar nog maar even niet aan denken.


Als je over de dijk richting de Botsholplassen loopt, kijk je aan de ene kant over de uitgestrekte rietlanden, aan de andere kant over de laaggelegen polder met weilanden en verspreide boerderijen.



In de verte hing nog een waas van mist over het land.
De rietlanden waren hier en daar gekapt en dat geeft dan weer een mooi inkijkje.


 Een oranje luzernevlinder kruiste mijn pad, maar met teveel fladder voor een mooie foto. Enkele distelvlinder en kleine vossen gingen er wat rustiger voor zitten. Verder heb ik erg veel plezier beleefd aan de argusvlinders. Ik las laatst in Natuurberichten dat ze het in het oosten en zuiden van het land niet goed doen, maar in het westen zie ik deze vlindersoort gelukkig nog regelmatig. Daarom hier maar wat extra aandacht voor de argusvlinders, die zich op deze zonnige dag bijzonder goed vermaakten met elkaar.

distelvlinder


kleine vos
argusvlinder







Veel gefladder en zoeken naar balans tussen de dichte en scherp gerande blaadjes van de distels.


Maar distels zijn meer dan stekels alleen. Vangen ze het juiste zonlicht, laten ze zich van hun mooiste kant zien. Dit schitterende juweeltje trok mijn aandacht in een berm vol bramen en distels. Zelf moest ik vol in de stekels gaan staan voor deze foto's, maar het is de moeite waard geweest.



Wat een geluk dat ik mijn macrolens en statief bij me droeg! Wat een mooie afsluiter van een heerlijke ochtend in de polder......