Gennep houdt de historie van de stad graag levend. Dat bleek wel in dit weekend van de Archeologiedagen, waarin diverse activiteiten voor de jeugd waren georganiseerd, maar ook continu in de vorm van de ArcheoRoute. In Gennep zijn er inmiddels 11 archeologische vindplaatsen gemarkeerd met een hoge speer, waar je de verhalen die bij die plaats horen, boven de grond kunt halen. Een van die speren bevindt zich langs het fiets-voetpad dat van Gennep naar Milsbeek voert (kpt. 39 > 38) : De Franken van Gennep. Wij waren nieuwsgierig naar de ruïne van het Genneper Huys en de mooie natuurgebieden rondom.
Bovenop het oude stadhuis is het nest van een ooievaarpaar met twee jongen. Als in de velden net buiten het dorp gemaaid wordt, vinden ze hier natuurlijk een uitgelezen plek om vlot aan voedsel te komen.
De plaatsnaam Gennep komt van het Keltische woord Ganapja, dat staat voor "een plek waar twee waterstromen samenkomen" : de Niers mondt hier, bij het Genneperhuis, uit in de Maas en met een doorwaadbare plaats in de Niers was dat een gunstige en strategische vestigingsplaats. Waarschijnlijk stond er al een Romeins fort op de plaats waar de heren van Gennep in de middeleeuwen een versterking bouwden. De burcht kende een roerige geschiedenis en werd in 1710 definitief door de Fransen verwoest. In 2010 werd de gedeeltelijke reconstructie van de kasteelruïne voltooid. In tegenstelling tot veel informatie troffen wij de burcht en de uitkijktoren bovenop niet toegankelijk aan. Het was rondom afgesloten in verband met de kwetsbaarheid van het gebied. Wij hebben een rondje om de ruïne gelopen door de ruige velden, die vlinders als hooibeestje, klein geaderd witje, een zwartsprietdikkopje en tal van andere insecten aantrokken. Daarna hebben we bij het bruggetje over de Niers onze fietsen geparkeerd.
Bij de Niers was het een waar feest van af- en aanvliegende en zingende vogels als roodborsttapuiten, rietgorzen en grasmussen. Hoger vloog een ooievaar over en cirkelde een buizerd op jacht. Aan eén kant biedt een graspaadje de mogelijkheid om langs de Niers naar de Maas te lopen en ondertussen te genieten van al het moois wat de natuur hier te bieden heeft. We hebben weidebeekjuffers gezien, maar vooral heel veel blauwe breedscheenjuffers.
Bij de Maas zagen we een heleboel ganzen met pullen - grauwe ganzen maar vooral ook heel veel Canadese ganzen. Vele kwamen juist van de landpunt aan de overkant het water in. Sommige staken de Maas over, maar het grootste deel zwom stroomopwaarts de Niers op, ons waakzaam in de gaten houdend. Terug bij het bruggetje zwommen ze onder ons door, mooi hoor! Een eenzame lepelaar had blijkbaar een goed stekkie gevonden en liet zich niet verstoren.
We kwamen uit bij knooppunt 38 bij Milsbeek. Aan de overkant van de weg ligt een fraaie boerderij, een mooi voorbeeld van een dwars- of krukhuis - zo lees ik in een informatieboekje over Gennep. Het hoge gedeelte van het gebouw stamt waarschijnlijk uit de 18e eeuw en moet een herberg geweest zijn. Het kleine bakhuis wordt momenteel gebruikt als theehuisje, maar zag er nu gesloten uit. Milsbeek, Ottersum en Gennep zijn overigens van oudsher bekend om hun vele pottenbakkerijen. Alleen al in Gennep waren tussen 1600-1800 ongeveer 40 pottenbakkers actief. Daarvan zijn hier en daar nog tekenen zichtbaar. Wij fietsten nu evenwel verder om via Ottersum en een stukje van de Looierheide terug te keren naar Gennep en onze camping.


























Geen opmerkingen:
Een reactie posten